Toen ik tijdens mijn studententijd een jaar in Liverpool woonde en elk museumbezoek een excuus was om taart te eten in het museumcafé, kon ik er geen genoeg van krijgen: meringue. Maar zelf maken kwam er nooit zo van. Het leek me best lastig, tot ik het vorig jaar toch maar eens probeerde en het doodeenvoudig bleek. Onderstaand recept is voor een bramen-zwartebessenmeringue, maar ook met frambozen en aardbeien is hij onweerstaanbaar.

Nodig:
6 eiwitten
300 gram fijne kristalsuiker
50 gram geschaafde amandelen
350 ml slagroom
400 gram bramen
120 gram zwarte bessen
100 gram suiker

Verwarm de oven voor tot 200 graden. Bekleed een bakplaat met vetvrij papier en vet het papier licht in. Klop de eiwitten zeer stijf. Voeg lepel voor lepel de suiker toe en klop tussendoor stevig. Blijf kloppen tot het mengsel dik en glanzend is. Spreid het stijve eiwit uit over de bakplaat en bestrooi het met geschaafde amandelen. Bak het 8 minuten boven in de voorverwarmde oven. Zet de oven op 160 graden en bak de meringue goudbruin. Bak hem niet te lang, anders is hij moeilijk op te rollen.

de meringue voor hij de oven in gaat

Kook de zwarte bessen intussen in een lepel water met de suiker tot pulp en druk die door een zeef (voor het gemak kun je ook kant en klare siroop of jam gebruiken, maar verse bessen maken het wel extra lekker).

Keer de meringue als hij klaar is om op een vel vetvrij papier. Verwijder het papier van de meringue en laat hem 10-15 minuten afkoelen. Klop de slagroom stijf en roer er voorzichtig de afgekoelde zwartebessenjam door. Verdeel de slagroom over de meringue en strooi er de bramen overheen (hou evt. wat room en bramen over om te garneren). Begin bij de brede kant en rol met behulp van het vetvrije papier de meringue vrij strak op. Wikkel de rol in bakpapier en bewaar hem in de koelkast. Verwijder voor het serveren het papier en garneer de rol met de bramen en toefjes slagroom.

Bijdrage van Maaike